De gevaren van nabestaandenpensioen op risicobasis

Geplaatst op Geupdate op

door Greetje Remmerde – pensioendoehetzelf.nl

In haar consumentennieuwsbrief van januari waarschuwt de AFM voor het nabestaandenpensioen. Dit is terecht, want veel mensen lopen daarbij, zonder dat ze het weten, grote risico’s. Bijzondere aandacht verdient het zogenaamde nabestaandenpensioen op risicobasis.

Risicobasis of kapitaalbasis
Er zijn twee manieren om het nabestaandenpensioen te financieren, te weten op kapitaalbasis of op risicobasis. Wanneer het nabestaandenpensioen op kapitaalbasis gefinancierd is, bouw je zelf het kapitaal op waarmee je aanspraken (deels) gefinancierd kunnen worden. Als je spaarpot, zeker als je jong bent en net begint met werken, nog te klein is, wordt het verschil overbrugd door middel van een dalende risicoverzekering. Naarmate je spaarpot groeit wordt het te verzekeren bedrag steeds kleiner. Als je pensioen op risicobasis is verzekerd heb je geen spaarpot, maar alleen een verzekering. In dat geval wordt het te verzekeren bedrag ook niet kleiner door de tijd heen.

Wat maakt dat nou uit of je het bedrag nu zelf spaart of verzekert? Zou je zo op het eerste gezicht zeggen.  En als je pensioenregeling je hele leven gelijk blijft maakt het ook weinig uit. Pas als je gaat veranderen van baan (en daarmee dus ook pensioenregeling) kunnen er problemen ontstaan.

Gevaren
Als je uit dienst treedt bij je werkgever stopt ook je deelname aan de pensioenregeling. Daarmee vervalt ook meteen de dekking voor het nabestaandenpensioen. Pas als je weer een nieuwe baan vindt, met bijbehorende pensioenregeling, zijn je nabestaanden weer gedekt. En dan ook nog alleen mits je gebruik kan maken van waardeoverdracht; bij een nabestaandenpensioen op risicobasis waarbij geen waarde wordt overgedragen is er een probleem. En dat probleem is vaak groter dan je denkt. Een voorbeeld ter illustratie.

Voorbeeld
We nemen een werknemer die een pensioengrondslag (pensioengevend salaris – franchise) heeft van € 20.000 en 40 jaar pensioen opbouwt tegen 1,5%.
Zijn maximaal te bereiken ouderdomspensioen is dan 40 x 1,5% x 20.000 = € 12.000
De overblijvende partner heeft in geval van overlijden recht op een nabestaandenpensioen (op risicobasis) van 70% x € 12.000 = € 8.400.

Stel dat deze werkgever nu na 25 jaar besluit om van werkgever te wisselen. Zijn maximaal te bereiken pensioen is dan nog 15 X 1,5% x 20,000 = € 4.500. En het bijbehorende nabestaandenpensioen nog maar € 3.150.
Een behoorlijke verslechtering dus!

Conclusie
Als je alleengaand bent, of je hebt een partner die zelf goed verdient is er mogelijk niets aan de hand. Maar als je gezin wel afhankelijk van jouw inkomen is en in de problemen komt mocht dat plotseling wegvallen, dan is het belangrijk om na te gaan hoe jouw partnerpensioen is geregeld. Als blijkt dat dit voor jou onvoldoende is, verzeker je dan bij. De premie voor een losse overlijdensrisicoverzekering is ongeveer net zo hoog als de verzekering voor je I-phone. Het motto blijft natuurlijk wel: verzeker precies genoeg! Niet te veel en niet te weinig

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s